Even overvalt het me als ik met een zijdelinkse blik voorbij de spiegel loop. Die ouwe grijze gerimpelde kop, de ingevallen ogen, dat vieze ongeknipte haar, ook uit de oren en de neus.

Ouwe beestje

Het vale wollen shirt van onbestemde kleur en de bijna doorschijnend doorgesleten koersbroek, vroeger nog wel eens goed gevuld met waarvan ik nu zuchtend vaststel dat het nog maar een centimetertje duurt voordat het een gaatje is, de zwarte sokken om de harige staken, waarover ze laatst vroegen wanneer het gips eraf ging, ik zie het allemaal niet eens meer. Somber naar boven kijkend bepaal ik de richting als ik met de zo vertrouwde beweging dat ouwe beestje pak. Nehee, ik bedoel mijn ouwe stalen koersfietsje waarvan de letters van het merk bijna niet meer te lezen zijn en het weggevreten chroom al lang plaats heeft gemaakt voor roest, grote plekken roest, en waarvan de banden tot het canvas weggesleten zijn

De rafels van het ingezakte zadel hangen net zo naar beneden als de schouders, wanneer de eerste kilometers worden weggetrapt. De bandjes van de ouwe leren helm staan nog afgesteld op de maat van de frisse krachtige kop van voor de eerste wereldoorlog en staan pas strak als die helm door de wind is opgeschoven tot ver over het achterhoofd. Het is al zolang zo, dat het niet eens meer op valt. Trouwens dat ingewikkelde geschuif van die afstelling is me altijd al teveel gedoe geweest. De touwtjes om de afgesleten schoenen knellen al gauw de voeten blauw.

Waar de wind naar toe blaast

Automatisch wordt de snelheid langzaam opgevoerd tot het voor de spieren zo herkenbare gevoel. Zoals altijd gaat het naar waar de wind naartoe  blaast. Veel vrolijkheid wordt er allemaal niet aan beleefd. Het is gewoon een noodzakelijk ritme om de dag door te komen en de kop leeg te maken Naarmate de kilometers worden weggetrapt vallen de vaste denkpatronen langzamerhand uiteen in flarden van onsamenhangende gedachten die steeds onherkenbaarder verdwijnen in de inmiddels dreigender wordende lucht.

De eerste honderd worden weggetrapt. Langzaam wordt de koers verlegd naar de route terug. In plaats van rustig mee blaast de inmiddels straffe wind nu vol in het al wat uitgeblust gelaat. De twee oude wat beschimmelde bruine boterhammen, eentje zonder kaas en eentje zonder ham, worden gedachteloos naar binnen gewerkt. Ze hadden, in plaats van via de wat kronkelige binnenroute, net zo goed meteen in de koersbroek gegooid kunnen worden, veel energie wordt er niet meer uitgehaald. De lege bidon wordt gevuld in de langs de stille polderweg gelegen sloot.

Rosbief

Hoopvol wordt geprobeerd beweging te krijgen in hendels op de schuine buis, maar helaas, ook die hebben zich aangepast aan de vastgeroeste staat van het vehicle en z’n berijder. Moedeloos begint het gevecht waarvan nu al duidelijk is dat het de hele verdere weg gaat duren. Al gauw hangt de inhoud van het zakje pijnlijk op de randen van de totaal versleten zeem. De achterkant is inmiddels al veranderd in een bijna rauwe rosbief waarbij het rooier wordende zitvlak steeds verder wordt afgeschuurd door het rafelige dek van het uitgesleten zadel.

Staan- zitten… staan- zitten, eindeloos duren nu de kilometers. Somber blijkt al gauw dat de zo noodzakelijk flow er vandaag geen zin in heeft. Wetenschappelijk zal het wel geen waarde hebben,maar duidelijk wordt nu wel dat verminderende snelheid de uren langer maakt.

De dreigend naderende zwarte uren mengen zich steeds verder met kleuren van de dag. De opkomende pijnen zijn herkenbaar,de daarbij behorende gedachten even zo. Stoppen….doorgaan, stoppen…doorgaan. Het lijkt steeds meer een vraag die niet alleen bij ’t fietsen hoort. De laatste loodjes maken het nog zwaarder,maar veel opties zijn er niet. Dan toch maar zo’n draagbaar telefoongeval schiet er even door het afgestompte hoofd. Maar die gedachte wordt in een kort moment van helderheid al gauw verworpen.

Dan, zoals eigenlijk altijd weer, komt toch het eind in zicht, met steeds weer die ene vraag…

Wat is het nut van al dat slopende getrap? Ik weet het als ik de deur weer binnenstrompel …… Anders had ik moeten stofzuigen!!

Abonneer je op onze updates. Vul hieronder je naam en e-mailadres in en je ontvangt daarnaast ook direct het e-book “Marmotte van A tot Z”.

Richard Snijders
Richard Snijders is een passievolle en met volle teugen genietende wielertoerist. In 2014 overwon hij de Marmotte met startnummer 5876 in de categorie 67+. Hij schrijft graag wat woorden naast en onder elkaar over wat hij meemaakt, ziet, of hoort en probeert dan zoveel als mogelijk het net iets meer te laten zijn als alleen maar dat wat er staat geschreven.
Lees hier andere posts van Richard.